Naar schatting heeft één op de tien
Nederlanders last van een verminderd gehoor en is dus in meer of
mindere mate slechthorend. Slechthorendheid kan verschillende
oorzaken hebben, zoals:
- beschadiging als gevolg van veel lawaai
- medicijngebruik
- ouderdom
U kunt al op jonge leeftijd last hebben van slechthorendheid.
Het komt zelfs bij pasgeborenen voor. Erfelijkheid speelt daarbij
een rol. Meestal vindt de slechthorendheid geleidelijk plaats. Een
huisarts kan gemakkelijk vaststellen of en in welke mate je
slechthorend bent en u eventueel doorverwijzen voor verdere
hulp.
Het kan zijn dat je een gehoorapparaat nodig hebt. Met behulp
van een gehoortoestel wordt het voor jou mogelijk om geluiden uit
de omgeving weer te horen. Een gehoortoestel bestaat uit:
- een microfoon, die het geluid opvangt;
- een chip die het geluid bewerkt, zodat het gehoorverlies wordt
gecompenseerd
- een versterker
- een telefoontje of een luidsprekertje dat het geluid
weergeeft
Dit toetstel wordt achter het oor gedragen. Het geluid wordt
vanaf het toestel via een slangetje naar het oorstukje geleid, dat
in het oor zit. In Nederland wordt dit toestel het meeste
verkocht.
Het hoorapparaat zelf wordt achter het oor
gedragen. In het oor wordt een heel klein luidsprekertje geplaatst.
Het geluid wordt via een draadje elektrisch naar het oor
geleid.
Bij dit toestel zitten alle onderdelen in
een apparaatje, dat in het oor wordt geplaatst. Het is geschikt als
u last hebt van klein gehoorverlies.
Dit toestel verdwijnt verder in het oor en is geschik voor matig en
licht gehoorverlies. Als u dit toestel gebruikt, dan gelden
dezelfde voor- en nadelen als bij een in-het-oor toestel. Als u
last hebt van jouw motoriek, door ouderdom of reuma, dan kun u
moeite hebben om dit toestel in en uit te doen.
Dit toestel
wordt dus diep in uw gehoorgang geplaatst en is daardoor niet
zichtbaar. U kunt het toestel verwijderen met behulp van een
doorzichtig koortje. Het CIC- toestel kent dezelfde voor- en
nadelen als een in-het-oor toestel. Er zijn twee extra nadelen:
Dit toestel wordt weinig gebruikt en is geschikt als u motorische
problemen hebt. Het bestaat uit een kastje, dat lijkt op een kleine
mobiele telefoon. Via dit kastje, dat u op uw lichaam draagt, wordt
het geluid via een snoertje naar een oorstukje geleid.
De hoorbril is geschikt als je niet goed ziet. In de pootjes van de
bril zitten microfoontjes, die u in staat stellen het geluid in een
ruimte goed op te vangen.
Er zijn dus verschillende mogelijkheden. Een audicien kan samen
met u bepalen welk gehoortoestel het beste voor u is. Hij kan het
precies voor u afstellen. U heeft altijd het recht om een
hoortoestel een bepaalde periode uit te proberen. Bevalt het
toestel niet, dan zoekt de audicien samen met u naar de beste
oplossing.